Benodigdheden:
Voor lief klein vogeltje
Restje
Catania voor het lijfje (bijvoorbeeld donker blauw)
Restje
Catania voor de vleugeltjes en het staartje (bijv. licht blauw)
Restje
gele, oranje of witte Catania voor het snaveltje
2
veiligheidsoogjes 5 of 6 mm
Haaknaald
2,5
Vulmateriaal
Stompe
naald
2
of 3 kleine belletjes of kraaltjes
Eventueel
een lintje
Gebruikte
steken
Magic
ring
Losse
Vaste
Halve
vaste
Meerderen
Minderen
door 2 steken samenhaken
Lijf
vogeltje
(Bijvoorbeeld
met donkerblauw)
Je
haakt het lijfje van boven naar beneden.
Toer
1: haak 6 vasten in een magic ring (6) óf 2 lossen haken en 6 vasten
in de 2elosse vanaf de haaknaald.
Wil
je het vogeltje aan een lintje ophangen?
Plaats
het lintje dan dubbelgevouwen en met een knoopje aan de onderkant
tussen de magic ring (of in het gat van de losse) vóór je de
begindraad aantrekt.
Toer
2: Haak 2 vasten in iedere steek (12)
Toer
3: Haak 1 vaste in de 1e steek steek en 2 vasten in
de volgende steek. Herhaal dit 5x (18).
Toer
4: Haak 1 vaste in de eerste 2 steken en 2 vasten in de volgende
steek.
Herhaal
dit nog 5x (24).
Toer
5: Haak 1 vaste in de eerste 3 steken en 2 vasten in de volgende
steek.
Herhaal
dit nog 5x (30).
Toer
6: Haak 1 vaste in de eerste 4 steken en 2 vasten in de volgende
steek.
Herhaal
dit nog 5x (36).
Toer
7 t/m 10: 1 vaste in iedere steek (36)
Maak
de oogjes vast tussen toer 6 en 7 met 2 steken
tussenruimte.
Toer
11: Haak 1 vaste in de eerste 4 steken, steek 5 en 6 samenhaken.
Herhaal
dit nog 5 x (30)
Toer
12: Haak 1 vaste in de eerste 3 steken, steek 4 en 5 samenhaken.
Herhaal
dit nog 5 x (24)
Toer
13: Haak 1 vaste in de eerste 2 steken, steek 3 en 4 samenhaken.
Herhaal
dit nog 5x (18)
Begin
met het opvullen van het vogeltje.
Toer
14: Haak 1 vaste in de eerste steek, steek 2 en 3 samenhaken.
Herhaal
dit nog 5 x (12)
Vul
het vogeltje verder op.
Toer
15: Steek 1 en 2 samenhaken.Herhaal dit nog 5x (6).
Hecht
af met 1 halve vaste. Haal de hechtdraad met een stompe naald door de
reststeken en trek aan. Werk de draad netjes weg.
Vleugel
(2x haken) (bijvoorbeeld met licht blauw)
Toer
1: Haak 6 vasten in een magic ring (6) óf 2 lossen haken en 6 vasten
in
de
2e losse
vanaf de haaknaald.
Toer
2: Haak 2 vasten in iedere steek (12)
Toer
3: Haak 1 vaste in de 1e steek steek en 2 vasten in
de volgende steek.
Herhaal
dit 5x (18).
Toer
4: Haak 1 vaste in iedere steek (18)
Toer
5: Haak 1 vaste in de eerste steek, steek 2 en 3 samenhaken.
Herhaal
dit nog 5 x (12)
Toer
6: Haak 1 vaste in de eerste 2 steken, steek 3 en 4 samenhaken.
Herhaal
dit nog 2x (9)
Toer
7: Haak 1 vaste in de eerste steek, steek 2 en 3 samenhaken.
Herhaal
2x (6)
Toer
8: Haak 1 vaste in iedere vaste (6) Eindig met 1 halve vaste.
Hecht
af en laat een lange draag aan het vleugeltje hangen.
Rijg
een draad door de 6 steken. Trek de draad aan, zodat het vleugeltje
sluit. Werk de draad netjes weg.
Staartje (bijvoorbeeld met
dezelfde kleur als de vleugels.)
Het
staartje bestaat uit een gehaakt hartje.
Maak
een magic ring.
Toer
1: Haak 4 vasten in een magic ring. Óf 2 lossen haken en 4 vasten in
de
2e losse
vanaf de haaknaald.
Toer
2: Haak 1 vaste in de 1e steek, 2 vasten in de
volgende steek,
1x
herhalen (6)
Toer
3: Haak 1 vaste in de eerste 2 steken, 2 vasten in de volgende
steek,
1x
herhalen (8)
Toer
4: 1 vaste in de 1e steek, 2 vasten in de volgende
steek,
3x
herhalen (12)
Toer
5: 1 vaste in de eerste 2 steken, 2 vasten in de volgende steek,
3x
herhalen (16)
Toer
6: 1 vaste in de eerste 3 steken, 2 vasten in de volgende steek,
3x
herhalen (20)
Toer
7: 1 vaste in de eerste 4 steken, 2 vasten in de volgende steek, 3x
herhalen (24)
Toer
8: 1 vaste in iedere steek (24)
Toer
9: 1 vaste in de eerste 6 steken, sla de volgende 12 steken over,
1
vaste in de laatste 6 steken
Toer
10: 1 vaste in iedere steken (12)
Toer
11: 1 vaste in de 1e steek, steek 2 en 3 samenhaken,
3x herhalen (8)
Toer
12: 1 steek 1 en 2 samenhaken, 3x herhalen (4)
Hecht
af en rijg de draad door de vier steken. Sluit het eerste bolletje
van het hart. Hecht de draad netjes af.
Voor
het 2e bolletje van het staartje.
Neem
het staartje voor je met het eerste bolletje aan de rechterkant.
Steek
de naald in in de 1e steek naast het eerste bolletje
en haak 1 losse.
Toer
1: Haak 1 vaste in dezelfde steek als de losse.
Haak
1 vaste in de volgende 11 steken (12)
Toer
2: Haak 1 vaste in iedere steek (12)
Toer
3: 1 vaste in de 1e steek, steek 2 en 3 samenhaken,
3x herhalen (8)
Toer
4: 1 steek 1 en 2 samenhaken, 3x herhalen (4)
Hecht
af en rijg de draad door de vier steken. Sluit het eerste bolletje
van het hart. Hecht de draad netjes af.
Snaveltje
Gebruik
hiervoor geel, oranje of wit (of een andere opvallende kleur)
Toer
1: Haak 4 vasten in een magic ring (=4)
Toer
2: Haak 1 vaste in de eerste steek, 2 vasten in de volgende steek.
Herhaal
1x (6)
Eindig
met 1 halve vaste en hecht af. Houdt een lange draad aan het
snaveltje.
Afwerking
Vleugeltjes
Bekijk
in welke stand je de vleugeltjes aan het vogeltje vast wilt zetten.
Naai
de vleugeltjes tussen toer 4 en 9 op de zijkanten van het vogeltje.
Zet
daarbij alleen de brede voorkanten van de vleugels vast en laat het
uiteinde van de vleugels los.
Vouw
die uiteinden iets naar buiten.
Staartje
Zet
de onderste punt van het staartje aan de achterkant van het lijfje
vast tussen toer 7 en 10.
De
bovenkant van het staartje blijft los.
Je
kunt de bovenkant van het staartje licht van het lijfje af buigen.
Snaveltje
Speld
het snaveltje onder de ogen op toer 8 tot en met 10.
Let
op dat het snaveltje netjes tussen de ogen komt.
Naai
het snaveltje met kleine steekjes aan het lijfje vast.
Lus
om het vogeltje op te hangen
Gebruik
je geen lintje om het vogeltje mee op te hangen?
Haak
dan een ketting van 60 lossen.
Hecht
af, maar laat een lange draad aan de ketting zitten.
Vouw
de ketting dubbel tot een lus.
Zet
deze lus aan de bovenkant van het vogeltje vast.
